Verslag 2007 - Les 4 Cimes du Pays de Herve - Hans Peeters

In de vroege ochtend van zondag 11 november vertrokken Wim Ebisch en ik, vergezeld van onze vrouwen om 08:30 uur richting Battice. Dit Waalse dorp ligt in het land van Herve (tussen Luik en Aken aan de snelweg). Wij wilden daar een zeer speciale wedstrijd gaan lopen, die ons, vrij vertaald, over de 4 toppen van het land van Herve zou voeren.

De aanleiding
Het idee om hier te gaan lopen is ontstaan toen ik in voorbereiding was van de 25 km wedstrijd van de Mergelland Marathon (9 september). In die tijd zag ik in het Excel bestand waarin ik al mijn gelopen wedstrijden registreer, dat ik langzaam richting mijn 600ste wedstrijd ging.
Bij mijn 500ste wedstrijd (juni 2003) is de traditie geboren om er iets speciaals van te maken. Destijds kreeg ik Wim Janssen zo ver om samen met mij aan de Wijnbergloop deel te nemen. Bij onvergetelijke weersomstandigheden (30 graden bij de start om 14:00 uur) bleek dit later de laatste editie, van deze zware halve marathon over verharde en onverharde wegen en paadjes in de heuvels bij Maastricht, te zijn.
Om deze traditie voort te zetten zocht ik nu weer naar een speciale wedstrijd. De website van de Mergelland marathon, die door webmaster Jo Schoonbroodt wordt bijgehouden, bevat een link naar “Les 4 Cimes du Pays de Herve”. Toen ik de enthousiaste verslagen van voorgaande edities las, wist ik dat deze westrijd, met zijn aparte afstand van 32,8 km door een mooi heuvellandschap de ideale jubileumwedstrijd zou zijn.

Les 4 Cimes
Zoals gezegd vertrokken wij die zondag al vroeg, voor mijn eerste wedstrijd in België (vreemd, maar echt waar). Bij ons vertrek regende het nog, maar zowel Wim als ik hadden de buienradar bestudeerd, en hadden goede hoop dat het vanaf de start om 11:00 op een buitje na droog zou zijn. In Battice aangekomen regende het nog steeds licht en stond er ook nog een straffe wind. Ondanks de regen besloten we toch te kiezen voor een korte warming-up en verkenning van start en finish. Vanaf de startplaats had je een mooi uitzicht over het dal dat voor ons lag. Jammer dat het zo grijs en nat was, want anders had het er ongetwijfeld nog veel fraaier uitgezien. We verkenden de eerste en tevens laatste honderden meters van het parcours, door een stuk van de afdaling te nemen en ons na enkele honderden meters weer snel om te draaien om niet te veel kostbare energie aan deze klim te verspillen.

10 minuten voor de start wilden Wim en ik naar de start. Het regende echter dusdanig dat Wim nog gauw besloot om nog wat warmere kleding (inclusief ijsmuts) aan te trekken en ik voorzag mij nog van een pet en een vuilniszak (als kledingstuk) om tot de start enigszins droog en warm te blijven. Toen we uiteindelijk naar buiten gingen werden we nog even op een hoosbui getrakteerd. De lopers mochten aansluiten achter een tractor met wagen die ons naar de startstreep zou brengen. Op deze wagen bespeelden enkele enthousiaste dorpelingen met hun drumstokken enkele lege olievaten, wat in ieder geval genoeg lawaai opleverde.
Uiteindelijk werd er om precies 11:00 uur gestart en stortten de ruim 650 lopers (van de 945 inschrijvers hadden er velen toch besloten om thuis bij de kachel te blijven) zich naar beneden. Wim bleek een zeer sterke afdaler en nam in de eerste km, die ik in 3.30 minuten liep al enkele tientallen meters voorsprong. Hoewel ik dacht in het begin een stuk met Wim te kunnen samen lopen besloot ik mij niet te forceren.Toen de eerste klimmeters begonnen werd het gat al langzaam kleiner. Uiteindelijk bleek dat deze wedstrijd niet geschikt is om met iemand echt samen te lopen. De een loopt berg op wat harder en de ander is berg af in het voordeel en uiteindelijk kent deze wedstrijd minder dan 2 vlakke kilometers. Zo bleken we jo-jo-end de eerste ca 13 km af te leggen. Berg op ging ik wat harder en berg af kwam Wim mij weer voorbij snellen. Aanvankelijk dacht ik dat de hele wedstrijd over verharde wegen zou gaan, maar na zo’n 15 km kwam de eerste verrassing. We moesten een grasweg op met in het midden een smal spoor wat door de regen veel te glibberig was om te belopen. Al glijdend en springend werd deze hindernis genomen. Deze werd al snel gevolgd met de onverharde klim naar de 2e cime (Fort d’Aubin). Hier nam ik langzaam wat afstand van Wim en vanwege het gebrek aan afdalingen op dat gedeelte is hij daarna niet meer bij mij gekomen. Toch voelde ik toen tijdens het klimmen mijn benen al en aangezien ik geen ervaring in dit soort wedstrijden heb, begon ik mij al af te vragen hoe dat zou voelen als ik aan een van de laatste klimmen bezig zou zijn. Na 19 km zat ik op een van de hoogste punten van het parcours en had ik een mooi uitzicht over het dal (Val Dieu) dat voor mij lag. In de steile afdaling kon ik weer wat herstellen en in een soort van haarspeld bocht zag ik dat Wim zo’n 100 meter achter mij liep. Na de afdaling begon de zware klim naar de 3e cime. Hierna ging de tocht al glooiend (soms even dalend en dan weer berg op) steeds verder omhoog. Hoewel de tijd niet echt belangrijk was had ik van te voren gedacht dat de tocht in 2 en een half uur goed te doen moest zijn. Na 25 km had ik een tussentijd van 1 uur 51 minuten en 39 seconden. Snel rekenend betekende dat, dat ik voor de resterende bijna 8 km nog 38 minuten over had.. Voor de volgende 5 km, die alleen maar bergop gingen, had ik echter al 24 min 30 nodig. Op een van deze beklimmingen was de holle weg, die we omhoog moesten, veranderd in een bergstroompje, waarbij het onmogelijk bleek om mijn voeten droog te houden. Wonderbaarlijk genoeg kreeg ik op de top van deze 4e cime nog vleugeltjes en haalde in de afdaling die volgde nog verscheidene lopers in en maakte ik nog veel tijd goed. Op 32 km wist ik dat het er toch nog in zou zitten. Net voor aanvang van de laatste klim, de "Mur de Bouxhmont” stonden Mia en Rinie en riepen naar mij dat ik nog maar één bergje (wat een understatement) op hoefde. Voetje voor voetje ging ik die laatste honderden meters omhoog. Gelukkig hadden de olievatentrommelaars post genomen op de laatste 100 meter zodat je in ieder geval sfeervol ploeterend boven kon komen. Uiteindelijk had ik de spreekwoordelijke streep (die er in werkelijkheid niet was) gehaald in 2 uur 29 minuten en 7 seconden (62e plaats).

Wim bleek het in het laatste stuk nog behoorlijk moeilijk gehad te hebben. Nadat ik hem in een ruime bocht na ca 26 km nog op een achterstand van een kleine 200 meter gezien had, was hij de man met de hamer (die ik gelukkig gemist had) nog tegen gekomen. Toch was ook hij tevreden met zijn resultaat van 2 uur 33 minuten en 48 seconden (94e plaats). Na afloop herstelde ik wonderbaarlijk snel en heb ik nog een stukje uitgelopen. Wim had het wat moeilijker en was hiertoe niet meer over te halen.
Na ons gedoucht te hebben gingen we naar de plaatselijke zaal waar ons nog een gratis lunch te wachten stond. Iedere deelnemer (-ster) die de afstand volbrengt krijgt tegen inlevering van het startnummer een Casse-croûte met producten uit de streek (brood, boter, kaas en stroop). En dat terwijl de inschrijving ook al GRATIS was.
Zo werd het ondanks het slechte weer een zeer geslaagd evenement. Volgend jaar wordt deze wedstrijd op 9 november 2008 weer gelopen. Hoewel ik er tijdens de wedstrijd even anders over dacht, ben ik bereid om dan eventuele belangstellende clubgenoten te vergezellen naar Battice. Voor meer informatie kun je bij mij terecht of op de site http://run.to/battice, waar nog meer smeuïge verslagen over deze wedstrijd te lezen zijn.

Tot slot wil ik de lezers die van statistieken houden mijn tussentijden per 5 km niet onthouden
Afstand Tussentijd Totaal tijd
0-5 km 20.35 0.20.35
5-10 km 21.33 0.42.08
10-15 km 22.09 1.04.07
15-20 km 23.47 1.28.04
20-25 km 23.35 1.51.39
25-30 km 24.30 2.16.09
30-32.8 km 12.58 2.29.07